Michel staat op de steiger. Al dagen. Hij schuurt, repareert. Morgen komt de eerste verflaag erop.
Ik kijk ernaar vanuit binnen.
Een huis onderhouden is iets anders dan een huis verbouwen. Verbouwen is toevoegen. Onderhouden is zorgen dat wat er is, blijft kloppen.
Dat het niet stiller wordt vanbinnen dan het hoort te zijn. Dat de buitenkant zegt wat het huis is.
Dit huis is ook een dojo. Een tuin waar het voorjaar al weken bezig is zichzelf te ontvouwen. Een tafel waar mensen soms voor het eerst hardop zeggen wat al lang in hen leefde. Het had aandacht nodig. Niet omdat het af moest zijn. Maar omdat verwaarlozing sluipt.
Dat ken ik ook van mensen.
Ze komen hier. Ze zijn niet kapot. Ze functioneren. Goed zelfs. Maar er is iets wat al een tijdje niet meer goed zit, en waar geen tijd voor is geweest. Geen ruimte. Geen steiger om even bij te komen.
Wat hier gebeurt is niet zo anders dan wat Michel buiten doet. Schuren wat ruw is geworden. Kijken wat echt vervangen moet en wat gewoon geverfd kan worden. En dan de tijd nemen.
Zonder haast. De verf hecht pas goed als het hout droog is.
