Hulp ingeschakeld

Al op mijn vierentwintigste zat ik vast. Aan een pittige hypotheek, in een baan waar ik het nut niet van inzag, in een huwelijk met mijn beste vriend. Dat is vrij jong voor een existentiële crisis. Ik kampte met depressieve gedachten. Voelde me zwaar overwerkt. Leefde al een jaar op maar een paar uur slaap per nacht.

En zag in de donkerste uren ook het nut van het leven niet meer zo in. 

De huisarts vond het toch wel somber gesteld met me en verwees me naar een psycholoog. De psycholoog zette me op de praatstoel, schreef wat op en kwam aan het einde van de tweede sessie tot een merkwaardige conclusie. Zonder nog enig handvat of inzicht gedeeld te hebben: ik zou het beste gebaat zijn bij groepstherapie. 

Met frisse tegenzin bevond ik me een week later in een groep. Voor mijn gevoel met wel zestien man. Maar het hadden er ook dertien kunnen zijn. Om de beurt kregen we het woord. Alles zat door elkaar, van soort mens, leeftijd tot soort vraagstuk. Een vrouw vertelde huilend hoe ze vijftien uur per dag voor de televisie zat. Aan het einde van de praat-ronde zat het erop. Dat was het. We hadden ‘goed gewerkt’ met z’n allen. Iedereen hier had hulp ingeschakeld. Ik vroeg me af of iemand er ook maar iets aan had. 

In datzelfde jaar viel ik in een burn-out. Ik verloor bijna al mijn haar. Een bedrijfsarts forceerde me na zes weken thuis zijn, waarin ik trillend op de bank zat, weer te gaan werken. Op het werk kon ik op weinig hulp rekenen. Achteraf was dat maar goed ook, zoals dat vaker gaat in het leven. En “ik had dit, en ik had dat…”. Maar ik had er vooral helemaal niets te zoeken. Ik nam ontslag. Wat me sterkte. 

In de jaren die erop volgden kwam ik erboven op. Door de besluiten die ik zelf nam. En ik het leven zo al anders kon ervaren. Dankzij ook de onvoorwaardelijke steun en toeverlaat van enkele speciale mensen in mijn leven. In het bijzonder die beste vriend, van wie ik scheidde, maar nog steeds mijn beste vriend bleef. (Daarover schreef ik een boek.) 

Op mijn 29e trotseerde ik op z’n zachtst gezegd een flink aantal tegenslagen. Opnieuw had ik de hulp ingeschakeld van een psycholoog. Ergens anders. Ditmaal onderging ik een traject van vijf sessies. Ze huilde met me mee. Weer bleek het de bedoeling te zijn dat ik alleen maar mijn verhaal moest doen. Als slotsom, in de laatste sessie, gaf ze me de opdracht een brief te schrijven. Dat deed ik. Maar opnieuw voelde ik me totaal niet geholpen.

Dit is dus puur gebaseerd op mijn eigen ervaringen. Ik had klaarblijkelijk nog niet gevonden wat ik nodig had. En ik kon daar niet de enige in zijn. 

Pas twee jaar later, maanden na de diagnose van MS, trof ik wat ik nodig had. Een goede vriendin verwees me naar een coach, die mij in mijn kern raakte. Zij zag precies waar ik mee te dealen had, en zij kon mij helpen met de juiste inzichten. Steeds opnieuw. Ze was streng en bleef me corrigeren. Het bracht me al veel lucht en ruimte. Om anders te kunnen kijken, anders te reageren. 

Twee jaar lang heeft ze me intensief individueel begeleid. Dit was een dure grap. Maar zo nodig. En alles waard.

Daarna bleef ik mezelf verder ontwikkelen. Volhardend, zoals ik ben, zoekende naar de vertaling van het ‘hoe’. Hoe werken deze inzichten ook op de lange termijn praktisch voor mij? Alleen met inzichten ben ik er nog niet. Pas als kennis hand in hand gaat met actie, en uiteindelijk met werkelijke doorleving – door in de praktijk te oefenen – bereik ik betekenisvolle veranderingen.

Nog even die schouders laten zakken?

Bij Doyo werk je niet aan een betere versie van jezelf of je team. Maar versterk je wat er al is.

Dit vind je misschien ook interessant